ANSJOVISVANGST

Naast de haringvangst op de Zuiderzee was de ansjovisvangst eveneens belangrijk. Om een indruk te krijgen hoe de ansjovis werd gevangen hebben we fotomateriaal uit Fen Fryske Groun van 1938 en 1939 gebruikt. De fotograaf van dit Friese weekblad is een paar keer mee geweest om dit voor het nageslacht op fotos vast te leggen.

 

Eerst enkele foto's van de verwerking van de ansjovisvangst in de havens:

Ansjovis wordt door de vissers van Stavoren uit de netten gehaald. (Fryske Groun 1929)

Vissers te Workum met de verwerking van de ansjovisvangst, rond 1930.

Ansjovis zouten in de haven van Makkum rond 1930. ( Spaarnestad Fotoarchief te Haarlem.)

 

Ansjovisvangst uit Fen Fryske Groun van 1 juli 1938:

Ansjovisvangst: de schipper van Vliet bij het roer.

Ansjovis: Het werk geschied met zegen en kom. De eerste wordt door de kom getrokken, om de vis in het vang te jagen. Het vraagt alle aandacht, kracht en routine. Om overal te komen, wordt de zegen bij de hoeken langs getrokken. Hier het opscheppen van de vangst.

Ansjovisvangst: de vangst is binnen en het resultaat wordt in spanning opgeschept, als de blanke visjes glijden en spartelen als zilver in de netten.

Er zijn nog enkel achterblijvers, maar zij behoeven zich geen illussies te maken over ontsnapping en "vrijheid der zee", want ook het laatste wordt zorgvuldig uit de mazen van het het geplukt.

Naar huis toe met de vangst. Maar ook deze tijd wordt benut, want onderweg wordt reeds voor de sortering gezorgd.

 

Ansjovisvangst uit Fen Fryske Groun van 30 juni 1939:

De ansjovisvangst belooft ditmaal voor Friesland geen tegenvaller te zullen zijn. Koesterde men aanvankelijk vrees, dat het kleine visje, evenals de haring, uit de Waddenzee zou wegblijven, dit is gelukkig anders uitgekomen. Het is wel geen goudmijn, doch is er reden tot tevredenheid. Nu de Waddenharingvisserij voor Friesland voorgoed tot het verleden behoort, is het een troost voor de visser te weten, dat er één waterbewoner is overgebleven, de kleinste, de ansjovis, die zich van de "wonderen der techniek" niets blijkt aan te trekken. Bij vele tienduizenden is het visje weer verschenen en heeft nieuwe hoop gestort in de bezorgde vissersharten. Stoer wordt er gewerkt, om zoveel mogelijk van deze kleine diertjes aan hun element te ontrukken. Het is nodig, bitter nodig ! Want in de vissersgezinnen grijnst het spook van de armoede steeds afzichtelijker. Het vissershart is te fier, om de hand van de steunguldens op te houden. De Friese visser leidt liever een schamel bestaantje. Doch wanneer ook dat te erg wordt, dan ontzinkt ook hem de de hoop. De ansjovis is gekomen en bracht weer gloed in de doffe ogen. Er wordt weer gevist. De moedeloosheid heeft plaats gemaakt voor nieuw vertrouwen. Laten we hopen, dat voor Frieslands vissersbevolking spoedig "alles reg sal kom". (tekst uit Fen Fryske Groun)

Ansjovisvangst: de kuil wordt gereed gemaakt.

Ansjovisvangst op de waddenzee, de kuil wordt dichtgemaakt.

Op hoop van zegen wordt de "zegen" binnengehaald.

De vangst wordt in kleine kistjes gedeponeerd.

De kistjes met ansjovis worden aan boord gebracht.

Na gedane, zware arbeid is het zoet rusten en valt een warm bakje koffie er heerlijk in.

De kistjes met het kostbare goedje worden aan de afslag te Harlingen afgeleverd.